Ingenieurs vraag en aanbod in de Nederlandse olie- en gasindustrie

De Afdeling voor Olie- en Gastechnologie van het Koninklijk Instituut Van Ingenieurs (KIVI) heeft onderzoek gedaan naar vraag en aanbod van ingenieurs in de Nederlandse olie-en gasindustrie. Hierin komt onder meer naar voren dat er een tekort is aan zowel senior ingenieurs als vrouwelijke ingenieurs. Ook zijn er zorgen over mogelijk verlies aan innovatieontwikkeling bij studenten door het steeds schoolser wordende universitair onderwijs. Op startersniveau blijken vraag en aanbod elkaar goed in evenwicht te houden. De bevindingen van het onderzoek zijn op woensdag 9 september aangeboden aan Merit Clocquet, programmaleider Techniekpact bij het Ministerie van Economische Zaken.

 

KIVI heeft in kaart gebracht wat in de komende jaren de verwachte vraag is naar ingenieurs en welke specifieke kennis en competenties bedrijven in de olie- en gasindustrie verwachten van net afgestudeerde ingenieurs. Uit het onderzoek blijkt dat er een tekort is aan senior ingenieurs met vakinhoudelijke en sectorspecifieke kennis en dat bedrijven het percentage vrouwelijke ingenieurs actief willen verhogen.

Overige aandachtspunten zijn de vraag naar docenten in het hoger onderwijs met een achtergrond in de sector en het imago van de sector. Het steeds schoolser wordende systeem in het universitaire onderwijs heeft als risico dat het kan leiden tot minder innovatieontwikkeling en creativiteit bij studenten. Beginnende ingenieurs wordt sterk geadviseerd eerst aan hun vakinhoudelijke basis te werken. Positieve punten bleken de evenwichtige balans van vraag en aanbod van ingenieurs. Ook was men te spreken over het salarisniveau.

Onderzoeksrapport 'Ingenieurs vraag en aanbod in de Nederlandse olie- en gasindustrie' PowerPoint 'Workshop Ingenieurs Vraag en Aanbod in de Nederlandse Olie- en Gasindustrie'