In het kader van de energietransitie kijkt het kabinet nu ook naar de inzet van kernenergie. In een brief aan de Tweede Kamer op 1 juli jl. laat minister Jetten weten dat hij het invoeren van nieuwe kernenergie gaat bestuderen en stappen gaat ondernemen om de kerncentrale Borsele langer open te houden. Een goede zaak want kernenergie is CO2-vrij en niet afhankelijk van externe factoren zoals bij wind- of zonne-energie, dus altijd inzetbaar. Ook neemt kernenergie relatief weinig ruimte in beslag, kan het worden ingezet voor de productie van waterstof én maakt het ons minder afhankelijk van buitenlands gas.

De aanpak van de regering om eerst een volledig plan voor nieuwe kerncentrale-infrastructuur te ontwikkelen is bewonderingswaardig maar bergt een groot risico op vertragingen in zich. Het zou effectiever zijn om enkele deelbeslissingen in het proces op te nemen. Dat maakt het mogelijk om sommige van de noodzakelijke debatten al in een eerder stadium te voeren. Ook is het verstandig dat de overheid de beschikbare sturingsinstrumenten gebruikt, waardoor de investeringsrente wordt verlaagd. Hierdoor kunnen investeringskosten voor het grootste deel gebruikt worden voor de centrale zelf en niet wegvloeien naar banken en investeringsmaatschappijen. En, wellicht wel het belangrijkste advies: zet ook stappen in de maatschappelijke discussie.

Berging van nucleair afval is een onderwerp, dat in voldoende mate moet worden opgelost om draagvlak te krijgen voor nieuwe kerncentrales, groot en klein. De meeste Europese landen hebben in hun nationale wetgeving opgenomen, dat zij radioactief afval uit andere landen niet opbergen. Europese samenwerking op het gebied van eindberging van hoogradioactief afval lijkt een technisch en economisch relevante oplossing voor ons land en andere kleine Europese lidstaten. Het Finse initiatief is een goed voorbeeld om samenwerking ook op politiek niveau na te streven.

Technologisch gezien is het interessant om de mogelijkheden van Small Modular Reactors (SMRs) serieus te onderzoeken. Alhoewel dit in het plan van het kabinet staat, moet dit wel concreter worden uitgewerkt. SMRs zijn kleinere centrales en zorgen voor spreiding van energieproductie door het land, hebben voordelen op het gebied van energietransport en spreiden zowel investeringsrisico’s als risico’s voor de vitale infrastructuur. Maar SMRs zijn op korte termijn nog niet te realiseren. Daarom moet er ook goed worden gekeken naar de nieuwste generatie grote kerncentrales en naar bedrijfsduurverlenging (en vernieuwing van) de bestaande reactoren, zoals  Borssele.

Mario van der Borst

Afdeling Nucleaire technologie

Lees hier de KIVI position paper over kernenergie naar aanleiding van de brief van de minister voor Klimaat en Energie aan de Tweede Kamer:

https://www.kivi.nl/afdelingen/hoofdbestuur/nieuws/artikel/kivi-position-paper-kernenergie

 

Disclaimer: Deze KIVIsie is opgesteld door de daarin genoemde vakafdeling(en) in samenwerking met de Raad Wetenschap, Techniek en Maatschappij (RWTM). De gegeven feiten en meningen zijn onafhankelijk tot stand gekomen en gebaseerd op open bronnen. Dit is geen officieel standpunt van KIVI. De vereniging aanvaardt geen aansprakelijkheid voor hetgeen in deze KIVIsie naar voren is gebracht.